vrijdag 5 december 2014

Vrijwilligersklusjes



Zeiken


Eigenlijk hou ik niet van dit gemopper. Maar laatst vroeg ik me wel af: waarom protesteer ik met mijn zieke lijf en een hand vol anderen tegen een wapenbeurs, terwijl zovelen dezelfde mening delen? Normaal gesproken denk ik dat het beter is hen die er wel bij waren te prijzen dan te zeiken over de wegblijvers, die daarvoor vast meer-of-minder goede redenen hebben.

Als ik op zondag de halve dag zit te genieten van de media en de andere helft van die dag er hard tegenaan moet om de vrijwilligersklusjes die ik op mijn schouders heb genomen, weg te werken, dan vraag ik me af waarom doe je dat? Waarom neem je niet je rust?

Het komt op je weg en je zegt, ja, of denkt dat kan ik beter en neemt het over. Zo is het gekomen dat ik mijn schaarse energie opstook voor taken die geen geld opleveren, maar wel op verschillende manieren hun nut bewijzen. Werk wat mensen waarderen als het maar niets of niet teveel kost, soms op het beledigende af. Maar wat anderen doen moeten zij maar weten. Ik hecht niet zoveel aan dit leven dat ik het mijne ervoor verraad.

Ik geloof niet in een wereld die draait om de economie van geld-voor-mij.  Ik geloof in een betere wereld; in een wereld die draait om vrede op aarde en in de mensen een welbehagen (die tekst zit ook al in mijn column voor de buurtkrant, de Staatskrant, die deze week verschijnt). Geld kan daarmee samen gaan, maar doet dat vaak niet. Jammer dat ik geen recht heb op een beetje uitkering, maar dat is niet anders. Deze week wel een aardig contract gekregen.

Los daarvan. Het energietanken door te fietsen en zwemmen, lezen, muziek luisteren en schrijven, heeft toch ook zijn mooie kanten. Ik kan in december zomaar een duik in zee nemen. Ik zie de kieviten zich verzamelen op een koude decemberdag om als ploeg naar het zuiden te trekken of te beslissen toch hier te blijven. In de duinen kom ik damherten, konijnen, een vos, en collega blogger Blew tegen; we drinken een kop koffie bij de HEMA. Het is plezierig.

Op de drempel

Nu sta ik op de drempel van een feest.
De nacht is hel verlicht en bitter koud.
Nog hoor ik de klanken van muziek, gekout.

Mijn plicht gedaan, ik ben geweest

Binnen spant elk zich als een boog
en schiet met grappen en scherpzinnigheid.
Een feestje: een arena, een pikorde vol strijd. 
Allen gelijk, maar de een is laag, de ander hoog.
 


Op de grens blijf ik even staan. 
Acrobaat voel ik me, uit de piramide gevallen,
een husky die niet meer voor de qamutik* zal gaan.

Nee dat feestgedruis gaat me niet meer bevallen.
Zo denkend, me losscheurend, kijkt de nacht me aan.
Toch geen afscheid, ik raap wel de gemiste ballen.


Martin

Dit is deel 3 (9 februari 2009) van een drieluik over mijn boosheid nadat ik ziek werd en mijn werk moest stoppen. Ik kon dat maar moeilijk verkroppen. Inmiddels kijk ik er heel wat ontspannener naar. Deel 1 schreef ik op 5 februari van dat jaar.

* Inuït voor slee, spreek uit als kamoetiek
Illustratie Personen in de nacht, Jean Miro (van internet)




De foto's kan je aanklikken voor een grotere versie.



Jan de Stripman was opzoek naar protestliederen en vond dit. Er is veel meer. Wiki kent zelfs een anti-oorlogspagina (List_of_anti-war_songs). Er zijn dus heel veel artiesten die de handschoen oppakken.
Jan heeft inmiddels een nieuw project de top-200.000 op Facebook en ik doe lekker mee. (https://www.facebook.com/pages/Top-200000/757085274346798)





2 opmerkingen:

Anoniem zei

Energie tanken door te sporten.
Men beweert dat dat zo werkt.
Ik raak er uitgeput van. Maar het geeft wel een blijer gevoel dan niets doen. Ik wens je toe dat je nog heel lang kunt blijven tanken.

martin zei

Moe wordt ik wel. Maar minder moe dan bij het niet doen. En inderdaad wordt je soms idioot bij van dat getrap en gezwem.