zondag 11 november 2018

Afgelopen



hypocriet

Deze tekst plaats ik nog eens op een al lang stil gevallen blog, omdat het een eeuw geleden is dat een van de verschrikkingen van de vorige eeuw officieel tot een einde kwam. Zo'n 35 miljoen militairen zouden het leven laten of gewond achter blijven op de 'velden van eer' van de Eerste Wereldoorlog. Daarna zou de Spaansegriep nog een groter (schattingen lopen nogal uiteen van 50 tot 100 miljoen) aantal doden eisen.

De strijd in Europa was daarmee niet afgelopen. Witten zouden Roden bestrijden, een oorlog met vele gruweldaden en wederom miljoenen doden en slachtoffers. Aan het eind van de oorlog waren er zeven miljoen dakloze kinderen in Rusland. Als dit de situatie nog niet tekent: de witten vermoorden 100.000 joden in de Oekraïne. De Roden traden even verschrikkelijk op. (We leven 100 jaar later in een wereld met veel minder oorlogsgeweld. Politiek van hoop en solidariteit heeft zin gehad al zijn zij die dit willen ontkennen momenteel dominant.) Het was tegen die achtergrond dat Reis naar het einde door Céline is geschreven.

Ik kende het boek alleen van horen zeggen en als volgt: het is geweldig geschreven, maar Céline is wel een antisemiet. Ik heb echter in het hele boek één sneer naar de zwarte/joodse jazz gelezen en verder helemaal niets. Dus laat je niks wijsmaken. Het is een aanklacht tegen die andere grote rampen van de vorige eeuw. Het is een loflied op lafheid, die verstandiger is dan heldendom tot de dood ons scheidt. Geen sprake van antisemitisme. Dat komt in een latere publicatie van zijn hand.

Het boek start als een denderende trein tegen de waanzin van de Eerste Wereldoorlog en vervolgens het decadente gedrag van kolonialen. Het pakt het Fordisme aan en prijst het hoerengilde de lucht in. En dan zijn we weer terug in Frankrijk en vermodderen we in de ellende van een volkswijk met een uitzichtloos leven. Het is alsof je al decennia op reis bent naar het einde als je het jaartal 1924 leest.

Dan wikkelt het boek zich af naar het einde waar het leven door de altijd vervelend aanwezige León Robinson is losgelaten nog voordat hij zijn ogen sluit. Hij doet dit na twee kogeltreffers in de maag. Ze werden afschoten door zijn ideale vriendin. Een vriendin die hij vanwege haar liefde voor hem niet meer moet.

Is het boek echt zo zwart als vaak gedacht? Nee. Regelmatig kom je voorbeelden tegen van medeleven die je in het echt ook wel wat vaker zou willen zien. De sergeant die zit te verrotten in een uithoek aan de Afrikaanse westkust (zes in plaats van drie jaar), doet dat omdat hij zo geld kan verdienen voor zijn nichtje met kinderverlamming. Niet alles is losgelaten. Lezen dat boek!

Toch nog even dit. Nederland was neutraal in die oorlog. Toch kom ik regelmatig de inzet van Fokker vliegtuigen tegen. Zo ook weer in een passage over de dood van drie Australische piloten die werden aangevallen door Duitse Fokker vliegtuigen. Want ook dat lijkt vergeten: tot mei 1940 stond een belangrijk deel van de Nederlandse elite dichter bij Berlijn dan Londen en dat gold zeker Anthony Fokker. Tot zover de voetnoot voor hen die wel Céline cynisme willen verwijten, maar de ogen willen sluiten voor nationale miskleunen.

Smeerlap

Overal hing een baklucht.
Vullen deed men de etalages niet
zodat er niet gestolen werd.

Het leek wel de buurt 
waar ik vandaan kwam;
de trottoirs vol 
van kindertjes met X-benen,
opgezwollen knieën,
en draaiorgels.

Bang maakte de ellende.
Ik keerde me om,
terug naar veilige haven,
naar de nette straten.

Smeerlap!
Je deugt niet!

Daar komt de zelfkennis:
hypocriet!
Reken dan ook af 

met je schijnheilig
gejank.

Vrij naar passage in hoofdstuk XVII
Reis naar het einde van de nacht, Céline.



























Je kan de foto's aanklikken voor een grotere versie ervan.



maandag 10 oktober 2016

Ereprijs


Weinig is mooi


Daar is het bericht over de

dwarsgestreeptedwergpapagaaiduiker

de pojama puffin in het engels –

in de haven van de Oudeschild.



Massaal rukken mannen uit

Als hard geworden palingen

steken lenzen vooruit.

Draaien, schuiven, zoomen.

Op het lijstje komt een vink.



In de berm ligt een grijze man

met een zwarte pocketcamera.

Voorbij fietsende koppels in rode jasjes zeggen:

'zeker een zeldzaam exemplaar.'

Of ze zijn bezorgd: 'heeft u niets?'



Hij is afgestapt voor het lichte blauw

van de uitbundig bloeiende ereprijs.

Minstens even mooi als zeldzaam gewas.

Veel is immers mooier.



Anderszins zeldzaam lijkt de vrede

voor wie de kranten leest

of het journaal bekijkt.

Veel landen zijn in oorlog.

Alleen Syrië trekt er al zestig.

vrijdag 16 september 2016

Ik en mijn Zandkastelen


mijn utopie en praatpaal

Ik ben gestopt met roken. Ik ben gaan sporten. Ik ben gestopt met lopen. Ik ben weer foto's gaan maken. Ik ben gestopt met alcohol drinken. Ik ben weer naar muziek gaan luisteren. Ik doe nog maximaal een avond in de week buitenshuizige dingen.

Het brandpunt lijkt steeds dunner en scherper te worden.

Ik blijf rommelen als ik moe ben en schrijven als het gaat. Dat tweede meer – niet uitsluitend – met het oog op het bereiken van de schone roodgroene horizon met evenwichtige gender, en 'raciale' toetsen en zonder klassen en zonder oorlog aan de einder.

Ik blijf dus zandkastelen bouwen, mijn eenvoudige utopie (er is eigenlijk alleen wat water, zand, bescherming en onderhoud voor nodig), maar hier ben ik na 5 ½ jaar en 300 stukjes verder uitgeschreven.

https://twitter.com/martinbroek
http://broekstukken.blogspot.com
https://www.facebook.com/martin.broek
https://www.flickr.com/photos/111743663@N05/


 
De foto's zijn van afgelopen woensdag en kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.






vrijdag 9 september 2016

Droom


keus

Gisteren ging ik naar De droom van de non Wilfsit. Het is een reis door 1000 jaar Nederlandse muziekgeschiedenis. Uit die bijzonder rampzalige jaren in negenhonderdzoveel naar nu het zoveel beter is. Uitvoering: Guus Janssen (compositie, orgel, piano synthesizer), Greetje Bijma (zang), Wolter Wierbos (trombone) en Charlie-Chan Dagelet (cello). Egmond passeer ik vaak, maar het mirakel van de Adelbertusput aldaar kende ik toch nog niet en ik wist ook niet dat een hele Pettense kerk met 400 mensen de zee inspoelde. Zo kreeg ik ook nog wat Noord-Hollandse geschiedenis mee. De trombone was geweldig, het orgel indrukwekkend, de cello vlamde, de stem herkenbaar mooi, maar de voorstelling werd gesmoord door de onbedoelde tuimeling. De net onthoofde Graaf van Egmond (Teo Joling) viel van het podium.

Het werd De Droom pas na een keus. Dansvoorstelling Fractus van Sidi Larbi Cherkaoui staat ook op Amsterdamse planken. Het thema van Fractus intrigeert: de breuk die nodig is om te creëren. Zijn choreografieën zijn overweldigend. Maar een goedkope stoel kost €32,50. De woorden van Chomsky uit de voorstelling krijgen door die prijs een extra dimensie. Werk disciplineert, maar niet voldoende verdienen maakt kennisnemen van zijn subversieve gedachten via deze dansvoorstelling te duur voor mij.





 
De foto's kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.




zaterdag 3 september 2016

bitterzoetbessen



te groot

Het is meeslepend geschreven, maar tegelijkertijd ook saai en naar; de Kreutzersonate van Leo Tolstoi. Een verhaal tegen muziek, seks en uitbundigheid. De ironie waar ik op hoopte, haalde ik er niet uit. Dat de man niet ruimdenkend was, dat is geen verrassing meer na wat boeken en films, maar zo benepen. Zijn vrouw schreef een verhaal tegen de Kreutzersonate in: Een zuivere liefde. Dat het niet boterde tussen die twee is alom bekend. Daar is geen Story of Privé voor nodig geweest. Overigens doet dat weinig af aan het mooie dat hij maakte.

Bij vertrek zie ik nog een klein stukje schelp aan mijn been. Het is nog van het vorige strandbezoek. Het heeft de douche overleeft. Ook vandaag kom ik weer op het strand terecht. Als ik in de duinen op een bank een banaan eet en mijn foto's bekijk, zegt een man - de leider van een groepje: “Mijnheer weet u wel dat het zo gaat regenen?” Mij laconieke reactie begrijpt hij niet: “Nog maar 28 km en dat is met wat regen wel te doen.” Ik kreeg een enkele spat; niet iets om drukte over te maken. Het weer is gewoon het weer.

Het lijkt me leuk om op maandagmorgen een Zomergastenbespreking te schrijven voor krant of website. Mijn visie op drie uur beelden en gesprekken tussen twee mensen en dan proberen er uit te halen wat anderen laten liggen. Niet het gangbare te vertellen, maar bijvoorbeeld te signaleren dat waar Griet Op de Beeck zich iedere morgen moet dwingen het leven weer in te stappen. De gaste van een week later, Andrea Maier, komt iedere ochtend met veel levenslust haar bed uit om een gevuld leven te leiden. Of te schrijven dat er geen zwaarwichtige reden is om te klagen over de interviewer als je een verhaal hebt gehoord als dat over de vader van Maier. (Waar is het Marathoninterview op de radio eigenlijk gebleven? Want die beelden zijn dan bijzaak.) Of ik drie uur Rutte aankan? Het derde lachebekje op rij; de overtuigende kracht van de glimlach. Beelden doen er dus wel toe.

Mijn kiespijn en kaakontsteking van afgelopen weekend weer bijna voorbij. Kunnen mijn mondhoeken ook omhoog krullen. Geen reden tot klagen immers. De Mondzorg Poli zat naast het Antony van Leeuwenhoek, dat relativeert. Had de hele dag de neiging mijn pijn in de bek op Facebook wereldkundig te maken. Waarom? Wilde ik medeleven? Laten zien hoe zielig ik ben? Hoe meer klachten, hoe minder lezers en medeleven is mijn ervaring. Het is dus niet eens zinvol.

Ook meer dan 100 woorden zijn niet zinnig. Ook dit zandkasteel is weer te groot en zal niet betreden worden.


 
De foto's kan je aanklikken voor een grotere versie ervan in kleur.





vrijdag 26 augustus 2016

Omvergeschopt

Terp

Laat weg. Eerst kleine klussen: sloten klemmende deur openen; voorlamp van huisgenoot repareren; en internetkabel provisorisch van ene naar andere zoon leggen. Geen idee ook waar ik heen wil.

Donkere wolken trekken voorbij. De bui gaat me minimaal € 2.500 kosten. Ik ben gevangen tussen ziekte en belastingtechnische bureaucratie. Als zieke val ik buiten de boot die anderen wel mogen nemen. De lust vergaat me zo. Omvergemept. Wees niet bang, ik sta wel weer op. Dat heb ik mezelf voorgenomen en dan doe ik het ook.

Plezierig was de tocht niet, maar beter dan niet fietsen. De opkomende kiespijn zal niet geholpen hebben. Het was een rommelig rondje Noord-Holland en ging langs de Zaan, over dijken en langs ringvaarten. Een terp verraadt waar vroeger het water was. Oud en nieuw land zijn er niet meer te onderscheiden.

De foto's van industriële objecten langs de Zaan kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.





zondag 21 augustus 2016

wijsneus



Verstopt

Onderweg de megalomane vraag of ik te streng ben voor de wereld. Hear hear!, Broek vindt de dingen te vervuilend, te lawaaierig, te aanwezig of niet juist of oneerlijk. Zo is er altijd wel iets mis en is het moeilijk je te verzoenen met de wereld. 'Hoe dan Martin,' kan je vragen. De vraag stellen heeft alleen zin als je invloed hebt en een plekje om het aan de orde te stellen. Die ruimte heb ik slechts een heel klein beetje.

Iets anders. Praten om overeind te blijven. Dat is wat ik doe. Het verstopt het luisteren. Gefixeerd op mijn doel beweeg ik me door de wereld; geen energie te verliezen. Mijn fixatie is breed, maar soms liggen zaken toch net buiten het spectrum en mis ik van allerlei. Als ik het dan later wel zie, lijkt het onvoorstelbaar dat ik het eerder zo kon missen.

Voer geen oorlog, voer de eendjes, staat op een bloempot op een terras in Hoog Soeren. Zouden er eendjes zitten of hebben gezeten in Aleppo? Als je naar het verleden kijkt, sta je met je rug naar de toekomst, wijsneust een andere bloempot. Volgens mij is dat niet persé waar. Het verleden is immers ook een deel van de toekomst. Je hebt zo als gast wel gelijk gespreksstof.

Het doel van mijn tocht is een man die delen van zijn verleden herkauwt. Soms komt er een nieuw woord, een zin of een heel verhaal bij. De frase Vochten ze niet als leeuwen? wordt even later Van vreemde smetten vrij uit een ander bekend lied. Het verhaal waarin ze worden gepast ken ik letterlijk van een wederzijdse kennis die al lang geleden is overleden en zijn verhaal echt beleefd heeft. Hij heeft er het zijne van gemaakt. Ik ben er niet als geschiedschrijver of corrector moet ik mezelf voorhouden. Sterker nog zelf ben je even niet belangrijk op zo'n bezoek.

De volgende dag komen voorbij: Amsterdam, de bedrijvigheid aan de Zaan, de aanleg van het Noordzeekanaal, het boek van Conny Braam over die aanleg, sociale mobiliteit en zijn familie van moeders kant. “Het was een goed gesprek,” zegt hij. Volgende keer kan ik het - alsof voor het eerst - weer voeren.

Magnus las ik in een dag uit. Het is de tweede roman van Arjan Lubach (Podium, 2011). Het gaat over een niet langer kabbelend leven. Maar na een turbulent Scandinavisch en Zwitsers uitstapje is de hoofdpersoon geen stap verder. Hoewel, hij schreef zijn beste toneelstuk door in het diepe te springen. Leerde een mondvol Zweeds, de Zweedse cinema, en … Nee laat ik dat maar niet doen; het is vooral een boek dat je leest om zijn plot en vanwege nieuwsgierigheid naar de ontwikkeling van een mediapersoonlijkheid die meer kan dan grappen maken.

Beneden

Zwaaien
naar jou daarboven
in je Penthouse
waar je misschien
nooit zal zijn.

Typen moet ik
tachtig meter lager
achter een PC
van zes jaar oud.

Beide kok van beroep.
Samen in een stadswijk
verschil is er ook
ik vind Wilders nix
mijn werk is schrijven
over misstanden.
Baten, een habbekrats.
Kapitaal, vier nullen
geen pensioen.

Jouw werk zorgen voor
drank- en eetgelegenheden
in Dubai, Los Angelos
New York, Istanboel
Las Vegas en natuurlijk
de Amsterdamse Dam.
Woning 16 miljoen.

Genoeg over
voor investeren in
Beginnende bedrijven
en op goededoelenveiling.

Als je er bent
zal ik zwaaien van
beneden.


De foto's kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.

zaterdag 13 augustus 2016

Dijkverzwaring



omdraaien

De man verkoopt zonder flair sportschoenen voor topatleten. Dat is juist een van de redenen dat men graag bij hem koopt. Ze worden gemaakt “met de hand, met grote zorgvuldigheid en zonder te kijken naar winst of verlies (…).” Heerlijk is dat; iets maken, omdat het nodig is en niet omdat er aan verdiend kan worden. Als een collega tijdens zijn reizen door Japan met zijn vrouw blijkt te vrijen, stopt hij met zijn baan en begint een rustige bar. Ook daar geen winstoptimalisatie. Kino leeft tussen alles door in het naar hem genoemde verhaal in het recente boek Mannen zonder vrouw van Maruki Murakami (Atlas/Contact, 2016).

Bij mijzelf steekt woede steeds de kop op. Een fietsende vrouw die plotseling uitwijkt en mij de schuld geeft. Een vraag naar legitimatie die - zonder aanleiding/reden - wantrouwen verraad. Iets dat onvindbaar is in huis. Eigenlijk teveel om op te noemen. Het schiet omhoog en is vaak te remmen, maar niet altijd. Waar komt al die kwaadheid vandaan? Ze gaat over een wereld die niet deugt. Is dat erg? Woede is er dat ik niet meer kan wat ik zou willen. Je wordt ouder papa, maar ik ben nog zo jong. Ze spruit voort uit vermoeidheid en een te groot beroep op mijn kunnen. Over kleine zaken, zoals hierboven, maak ik me boos en dat vreet energie. Verstandig is het dus niet om je zo op te winden. Over verstand gaat het dan ook maar gedeeltelijk. Het is onmacht. Je iets vaker bij de wereld en dingen neerleggen – maar a.j.b. niet altijd – is de oplossing.

Ik mag niet zeiken (ging slapen met pijn, werd wakker met meer pijn en had nergens zin in) en ben de fiets opgesprongen naar mijn moeder aan de Nederrijn. Onderweg bijna alles weggetrapt. Bij vertrek huiswaarts vergat ik mijn mobiel en kwam daar 24 km wind tegen later pas achter. Vermannen en omdraaien: twee uur extra fietsen. Het was niet eens vervelend.


De foto's kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.





zondag 7 augustus 2016

Bevolkingskrimp



melkquota

Over een vreemd demografisch probleem lees ik. Over niet al te lang gaat de bevolking van China krimpen (China's Future, David Shambaugh, 2016). Wie moeten dan voor de steeds grotere groep ouderen zorgen? Wie zorgt voor inkomen om de groeiende gezondheidszorg betaalbaar te houden? Een beetje krimp in China heeft zelfs op wereldschaal invloed.

Het probleem snap ik niet helemaal. Het lijkt mij eerder een gunstige ontwikkeling. Als India ook zo ver zou komen... In Noordwest-Europa waren het arbeidsmigranten die vanaf de jaren vijftig hier kwamen werken. De rechten van de import arbeiders en hun integratie in de samenleving zouden een probleem kunnen worden.

Dit bedenk ik me op de pont van Buitenhuizen naar Assendelft. Ik stap weer op mijn fiets en trap over een dijk met nauwelijks bloemen, langs velden zonder bloemen. Eergisteren las ik een artikel over Groene Woestijnen in Leeuwarden, waar alleen het raaigras groeit. Geen bloemen betekent geen insecten en geen vogels die ze eten. Ik let er op en zie een enkel veld vol klaver, sommige velden met schermbloemige aan de randen, maar het groene gras verdrukt de gekleurde bloemen. De boer heeft zo meer opbrengst en dat moet wel want de melkprijs is te laag. Toch was hij voor de introductie van de melkquota nog lager (grafiek op basis gegevens EU in xls) en toen stonden er wel meer bloemetjes en koeien in de wei. Soms zou je wensen dat je niet las. Nu zag ik opeens woestijnen, waar ik eerder mooi groen zag.
Camperduin heeft nu al drie strandpaviljoens, waar er tot twee jaar geleden maar één was: Minkema/Struin. Naast het huisje van de strandwacht hangen 57 op het strand gevonden stuks schoeisel. Ooit deed ik er zelf twee jaar over om er honderd te vinden langs de Hondsbossche, waarlangs nu duinen en strand liggen. Dit nieuwe stukje Nederland is drukker en nog mooier geworden.


De foto's gemaakt op vrijdag 5 en zaterdag 6 augustus kan je aanklikken voor een grotere versie ervan.




vrijdag 22 juli 2016

Eén: Op herhaling, Amsterdam – Duinkerken, 22 juli 2016



Al eerder dit jaar verrtrok ik naar Dover. De trein die ik nu neem vertrekt een halfuur vroeger. Dat mag in vakantietijd ook met korting. Ik lees de krant. Hoewel krant, een uurtje internet bezorgt me meer informatie, maar wel minder gezondheidsinformatie over alcohol en over suiker in de cruesli en wat muesli tot muesli maakt. 

Op de roltrap van Sloterdijk ga ik onderuit. De eerste butsen en schrammen zitten er al weer op. Volgende keer de lift maar zoeken. Anderhalf uur later rijd ik weer door het land van mijn jeugd.

Er staan nu fakkellelies (Engels: red hot poker torch lilies vertelt een aardige verkoopster een aantal dagen later), waar toen aardappels en suikerbieten stonden. Gedachten aan vakanties dertig jaar geleden kwamen als vanzelf boven. In dat jaar ging ik met school naar Moskou, Kalinin en Sint-Petersburg (toen nog Leningrad) en later in het jaar op eigen houtje naar Marokko, Senegal, Mauritanië en Gambia. Ik woonde al in Amsterdam. Nu wordt het minder avontuurlijk East Sussex. Hoewel je weet maar nooit.

Mark Haddon schrijft een verhaal over Shoreham pier in West Sussex die in 1970 instortte. “No one wants to believe that time and weather can be this dangerous (…),” schrijft hij. Fictie, tenminste ik kan er niets over vinden. Het verhaal zit vol verwrongen staal, versplinterde ramen, drijvende lijken en veel meer misère. Dat mag wat minder.

Op de camping in Duinkerken staan zuipende mannen bij de barbecues en houtovens met alle verschijnselen van dronkenschap. Ben bang dat zij de Mijnheer onder de Nederlandse kranten toch niet lezen en evenmin de Franse variant daarvan. Of ze ook tot een uur of twee de knetterharde dance speelden, weet ik niet. In de ochtend hoor ik luid snurken uit tenten komen. Feesten zit ons mensen blijkbaar in het bloed met of zonder drank.

Voor een vervolg:
(Eén: Op herhaling, Amsterdam – Duinkerken, 22 juli 2016)
Twee: Fire Hose, Duinkerken – Rye, 23 juli 2016
Drie: Camber Dunes, Rye, 24 juli 2016
Vier: Project Pain, Rye, 25 juli 2016
Vijf: Onbehoorlijk, Rye, 26 juli 2016
Zes: Hastings, Rye, 27 juli 2016
Zeven: The river flows, Rye, 28 juli 2016
Acht: Genot, Rye, 29 juli 2016
Negen: Machtsvertoon, Rye – Nieuwpoort, 30 juli 2016
Tien: Slim, Nieuwpoort – Vlissingen –(trein)– Amsterdam, 31 juli 2016