Posts tonen met het label gedichtendag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gedichtendag. Alle posts tonen

donderdag 26 januari 2012

Gedichtendag 2012 bijdrage



De bedding

verplaatst zich in de tijd
door het meanderen, door
menselijk ingrijpen of
zware regenval

wat blijft is de loop van de stroom
van waar ze ontspringt tot
waar de zee haar opslokt

ze is voor de vaat
voor woeste wasvrouwen
voor spelende kinderen
voor vissende vaders
voor witte steenkool of
voor schippers, reders en duikers

en voor de mensen die zeggen
dat je moet genieten van de kleine dingen
de zonsondergang, de polder en rivier
zodat ze kunnen zien dat wat hen miniem lijkt
groter is dan zijzelf

toch als platen zich als schollen
tegen, over of onder elkaar duwen
maken rivieren plaats voor bergen en
verdwijnt een stroom

martin

donderdag 24 februari 2011

Gedichtendag 2010 bijdraqge

Stalen vormen

“Kinderen aan de kant.”

Samen zijn we een duizendpoot.
De overzijde bedoeld voor hen,
met een eigen doel.
“Niets mee te maken, voort!”
Leer voortgaan, doorgaan
naar een bestemming, naar een doel.

Rust, pffoeh, kalmte,
kan niet meer.
Lig.
Zie een brug.

Andere doelen,
anders vormen.
Het is daar mooi.
Toch niet genoeg.

Wens naast de nieuwe wereld
de dicipline van de oude.
Een plank van ‘t ene naar ‘t andere;
ze verschuilt zich in deze zinnen.

Zandkastelen

donderdag 27 januari 2011

Gedichtendag 2011 bijdrage



Verlichte weg


De maan trekt een streep. Ze ligt als een weg over de zee.
Met mijn voeten in het natte zand sta ik. En kijk.
De weg eindigt bij een vage scheiding; de rand van de wereld.

Volg daar de kromming. Ga de tocht mee met het water.
Raak buiten zicht. De weg gaat verder: tot aan land. Of
vervolg daar bij de einder de route vanuit een rechte koers.
Raak los. Zonder houvast. Niet wetende waar en of je landt.

Wandelen over water is ongemakkelijk,
maar vliegend door de ruimte gaan is koud en kil;
los van alles en iedereen.

Mijn hielen graven zich in het verlichte zand.
Mijn geest bedenkt de mogelijkheden die onmogelijk zijn.

Dan draai ik me om en geef me over aan de nacht.
Het golvende zilveren pad wacht.

martin broek